Software development, photography, jokes, ....

Sites by me

 
tas-logoTransportation Administration System
snoezelkussen-logo-kleinstSnoezelkussens voor verstandelijk gehandicapten
ikzoekeenbegeleider-logoBegeleiders voor gehandicapten
Laat uw hond het jaarlijkse vuurwerk overwinnen
logo 50x50Hey Vos! Je eigen naam@vos.net emailadres?
Kunst in huis? Nicole Karrèr maakt echt bijzonder mooie dingen
nettylogo2Kunst in huis? Netty Franssen maakt ook bijzonder mooie dingen
Salarisadministratie en belastingadvies bij De Zaak Loont
Zutphense Bomenstichting

Hosting Favorites

 
ANU Internet Services
XelMedia .internet Services
register.com

Blogroll

 
Bomenstichting
LassoSoft
MacFreak
Quality that computes
The Economy of Motion
Wheel 2.0
IntrAktv



Website Hosting bij Xel Media

Marc's Place


 
El castellano

(het ABN van Spanje)

 

Vervoegingen van werkwoorden

 

Werkwoorden eindigend op:
 
tomar comer partir
(nemen) (eten) (vertrekken)

tom o com o part o
tom as com es part es
tom a com e part e
tom amos com emos part imos
tom áis com éis part ís
tom an com en part en
 
voltooid deelwoord
tom ado com ido part ido
 
Bij de gebiedende wijs (imperativo) in de:
3e persoon enkelvoud verandert de laatste letter in een e als het een a is en in een a als het een e is.
3e persoon meervoud neem je de stam + ad als het werkwoord eindigt op ar.
ed als het werkwoord eindigt op er.
id als het werkwoord eindigt op ir.
 

 

SER en ESTAR

 

SER soy, eres, es, somos, sois, son sido = geweest
Bij beroepen en materialen óf als het naamwoordelijk deel van de zin een zelfstandig naamwoord is óf betrekking hebbend op betekent (eigenschap) óf een bezittelijk voornaamwoord is óf 'afkomstig zijn uit' betekent óf 'worden' betekent óf bij een nog niet afgesloten handeling, gebruik je ser.
 
es soldado hij is soldaat
aqua helada es fría ijswater is koud
el libro es mío het boek is van mij
soy de Holanda ik kom uit Nederland
soy Holandés ik ben Nederlander
es castigado hij wordt gestraft
la comida es preparada por el cocinero de maaltijd wordt door de kok bereid
 
ESTAR estoy, estás, está, estamos, estáis, están estado = geweest
Je gebruikt estar als iets zich in een bepaalde, niet blijvende, toestand bevindt óf iets of iemand zich ergens bevindt ('zich bevinden') óf 'doende zijn' óf bij een afgesloten handeling.
 
el café está frío de koffie is koud
estoy en el centro de la cuidad ik bevind mij in het centrum van de stad
estoy escribiendo ik ben aan het schrijven (ik ben schrijvende)
la comida está preparada por el cocinero de maaltijd is door de kok bereid
 

 

Werkwoorden

 

ik
jij
hij/zij/u
wij
u/jullie
zij/u
yo
tu
el/ella/usted(Ud)
nosotros
vosotros
ellos/ellas/ustedes(Uds))
 
Bij werkwoorden waarbij de voorlaatste lettergreep één klinker, de O, bevat, dan veranderd deze O bij de vervoegingen in UE.
(costar, encontrar, etc.)
  A

abrir openen
acordar besluiten
acordarse zich herinneren
(me acuerdo, te acuerdas, se acuerda, nos acordamos, os acordais, se acuerdan)
almorzar lunchen
aprender leren
 
  B

beber drinken
buscar zoeken
 
  C

cantar zingen
cenar dineren
cerrar sluiten
comer eten
comprar kopen
comprender begrijpen
contar rekenen / vertellen
contestar bevestigen/(be)antwoorden
costar kosten
(cuesto cuestas cuesta costamos costais cuestan)
 
  D

dar geven
decir zeggen
(dogo dices dice decimos dec’s dicen)
desayunar ontbijten
 
  E

elegir kiezen
emplear gebruiken
encontrar ontmoeten
encontrarse zich bevinden
(se encuentro)
entrar binnengaan/-komen/betreden
escribir schrijven
escuchar luisteren
estar zich bevinden
(estoy estas esta estamos estais estan)
estudiar studeren
 
  F

fumar roken
 
  G

ganar verdienen
gustar houden van
 
  H

haber hebben
(he has ha hemos habe’s han)
hablar spreken
(habla hablas habla hablamos hablais hablan)
hacer doen
holgar niets doen
 
  I

ir gaan
(voy vas va vamos vais van)
 
  J

-
 
  L

leer lezen
llamar roepen/heten
llevar dragen
 
  M

maldecir vervloeken
mirar (be)kijken
montar monteren
montrar tonen
mostar tonen
 
  N

-
 
  O

-
 
  P

preguntar vragen
probar bewijzen
prometer beloven
 
  Q

querer willen
 
  R

recebir ontvangen
recuerdos groeten
rifar verloten
rodar rollen
 
  S

ser zijn (=hulp ww)
(soy eres es somos sois son)
 
  T

tener hebben
(tengo tienes tiene tenemos teneis tienen)
tener que moeten
Tengo que estar en el trabajo a las ocho y media.
(Ik moet om half negen op het werk zijn.)
tocar aanraken
tomar nemen
trabajar werken
 
  V

vender verkopen
volar vliegen
 
  Y

-
 
  Z

-
 

© 1997- Marc Vos (and others) Contact Me